Het einde van de Tweede Wereldoorlog ligt 80 jaar achter ons. De zuidelijke provincies van ons land werden bevrijd in de herfst van 1944. Het overgrote deel van de veteranen die destijds hun leven in de waagschaal stelden voor onze vrede en veiligheid, is niet meer. Voor hen waren waardering en erkenning een vanzelfsprekendheid, temeer daar het hier ons eigen vaderland betrof. Voor de jongere generatie veteranen, veelal uitgezonden naar bestemmingen buiten Nederland, zijn die waardering en erkenning evenzo van betekenis. Dit onderschrijft veteraan Maikel van Ree (46) .

Door Madeleine Vrienten

Jongensdroom

Als klein jongetje al was Maikel gefascineerd door alles wat te maken heeft met de krijgsmacht. Samen met zijn vader ging hij naar de duinen, waar toen nog militaire oefeningen plaatsvonden. Als jonkie van zeventien en een half jaar stond voor Maikel vast dat hij zijn jongensdroom achterna zou gaan: “Het was gewoon mijn roeping.” Ondanks dat hij werd goedgekeurd om te starten met de opleiding bij de Commando’s, volgde hij de wijze raad van zijn vader op, die hem daar nog te jong voor vond. Maikel meldde zich in 1995 als beroeps bepaalde tijd en begon aan de algemene militaire opleiding.

Maikel in zijn tenue.

Maikel in zijn tenue.

Bosnië en Irak

De vuurdoop diende zich al vrij snel aan. In 1996 werd hij uitgezonden naar Bosnië waar hij zich bezighield met bevoorrading en wederopbouw. Een zelfde soort uitzending volgde in 1999, waarbij het accent lag op stabilisatie, en het betrekken van de eigen bevolking hierbij.

Na deze missies maakte Maikel voor zichzelf de balans op: “Ik zocht meer uitdaging en begon in 2000 mijn opleiding bij de Luchtmobiele Brigade. Dit is het krijgsmachtsonderdeel dat wordt beschouwd als militaire elite. Een pittige opleiding, waarbij de fysieke conditie en het geestelijk incasseringsvermogen behoorlijk op de proef gesteld worden.” Na een half jaar mag hij zich tot de rode baretten rekenen, waarna hij in 2004 wordt uitgezonden naar Irak. “De uitzendingen naar Bosnië en Irak waren een wereld van verschil. Waar in Bosnië de oorlog bijna voorbij was, en je vooral bezig was met de wederopbouw, woedde in Irak de oorlog nog volop. Als rode baret aan de frontlinie heb ik het allemaal meegemaakt. De eerste militair die sneuvelde in Irak was een directe collega. Er werden handgranaten gegooid naar patrouillerende Nederlandse militairen, terwijl ze op dat moment op een brug over de rivier Eufraat liepen. Een laffe daad, dat vergeet je nooit meer.” Of hij ooit bang geweest is? “Nee, je gaat maar door, op adrenaline, standje overleven.” Na de uitzending in Irak realiseerde Maikel zich dat zijn job in een omgeving van constante dreiging en spanning, voor het thuisfront teveel werd. “Na 12 jaar actieve dienst, vond ik het genoeg. En dus mag ik me sinds 2006 tot het legioen veteranen rekenen.”

Nazorg

PTSS is hem bespaard gebleven. “Al weet je nooit wat er nog eens uit zal komen. Ik ben wat emotioneler geworden na mijn tijd bij de krijgsmacht, en wat ongeduldiger van aard. Terug in de gewone maatschappij was het best wel wennen: van altijd buiten zijn en veel sporten, naar vaker binnen vertoeven en minder sporten.”

Het stukje nazorg vanuit defensie heeft hij als positief ervaren: “Zowel voor, tijdens als na de missie is er aandacht voor de mentale kant. Na mijn laatste missie werd er niet rechtstreeks naar huis gevlogen, maar was het eerst acclimatiseren in een neutrale omgeving. Na mijn verlof volgde een gesprek, en de eerste vijf jaar na uitzending houdt defensie een vinger aan de pols middels een vragenbrief. Het is wel zaak om hierbij de verantwoordelijkheid te nemen voor jezelf.” Maikel weet dat dit moeilijk is, heeft na zijn uitzendingen kameraden onderuit zien gaan door onder andere verslaving en zelfdoding.

Het lijntje met de mannen van zijn missies houdt hij aan met de verschillende reünies en via facebook. “Ik ben lid van veteranen motorvereniging ‘de Red Baret Riders’. De motortoertochten met gelijkgestemden - soms met een militair tintje - hebben als doel om verbinding te creëren en bij te dragen aan erkenning en waardering vanuit de maatschappij. In 2011 was ik als veteraan aanwezig bij de Nationale Dodenherdenking op de Dam, een hele eer. Maar ook de Taptoe in Waalwijk enkele maanden geleden heb ik bezocht. De waardering en erkenning die je dan ontvangt zijn voor mij erg waardevol.”

Eens een militair, altijd een militair

Twaalf jaar defensie laat zijn sporen na, het militair-zijn zit Maikel in de genen. “Ik ben werkzaam bij een bedrijf dat hydraulisch gereedschap voor redding en berging door de brandweer vervaardigt, en gereedschap voor defensie en arrestatie-eenheden. Mijn tijd bij defensie loopt als een rode draad door het alledaagse leven: mijn auto parkeer ik altijd achteruit in, en de ruimte waar ik binnenga wordt uitvoerig gescand. En ik kan ook heel direct zijn.” Maikel kijkt terug op een mooie tijd bij defensie: “ik ben trots op wat ik heb gedaan en zou er zo opnieuw weer voor gaan!”

Recente foto van Maikel.

Recente foto van Maikel.

Tot slot

Ik was wat anderen niet wilden zijn

Ik ging waar anderen bang waren te gaan,

en deed wat anderen nalieten om te doen.

Ik vroeg niks aan hen die niks gaven,

en accepteerde gelaten de gedachte aan eeuwige eenzaamheid.

Ik heb het gezicht van ellende gezien,

de stekende kou van angst gevoeld.

En af en toe de zoete smaak geproefd,

van een moment van liefde.

Ik heb gehuild, geleden,

en ook gehoopt.

Maar bovenal heb ik meegemaakt,

wat anderen liever vergeten.

Maar ik zal toch altijd kunnen zeggen,

dat ik trots ben op wat ik was.

….een militair!